Pyreneese Herder

Algemeen wordt aangenomen dat onze rassen zijn ontstaan in de Franse Pyreneeën, door selectie op werkeigenschappen en door aanpassing aan het milieu van het hooggebergte. Dat is een langdurig proces geweest. De Fransen zeggen dan ook dat de oorsprong van de Pyreneese herdershonden verborgen ligt in het duister der tijden.

Twee rassen

De Pyreneese herdershonden worden in twee rassen verdeeld, die beiden hun eigen ras standaard hebben. Het meest zien we “de” Pyreneese herdershond, die ook wel aangeduid wordt als “poil long”.
De tweede variëteit is de veel zeldzamere “face rase”, die veelal uit de poil long wordt geboren.

Poil Long

Bijzonder karakteristiek zijn de altijd attente uitdrukking, het slimme en ook wantrouwige voorkomen en de grote levendigheid. Zij komen voor in twee variëteiten, nl. als lang- en halflangharig.

Face Rase

De honden van deze variëteit zijn over het algemeen wat minder temperamentvol, maar desondanks zeer levendig.

Uiterlijke kenmerken van beide variëteiten

VariëteitPoil LongFace Race
VachtZowel lang- als halflang-harig.
Het gezicht is vrij van lange haren; op de schouders is de beharing “geitachtig en op de kroep en dijen: wollig
De beharing op het hoofd en de benen is kort en op het lichaam halflang.
KleurenVariëren van zeer licht tot zeer donker fauve; van zeer licht tot zeer donkergrijs; zwart en harlekijn.
Bij alle kleuren kunnen witte aftekeningen voorkomen.
Zwart, harlekijn, gestroomd (bringé), fauve in verschillende tinten met of zonder menging van zwarte haren en soms witte aftekeningen.
Grijze vachten zijn zeldzaam.
AfmetingenDe hoogte van de teven bedraagt 40 tot 46 cm en van de reuen 42 tot 46 cm.
Zeer typische exemplaren mogen 2 cm groter zijn
De hoogte van de teven bedraagt van 40 tot 52 cm en voor de reuen 40 tot 54 cm.

Couperen

Traditioneel werden oren en staart gecoupeerd, maar sinds 1989 is in Nederland het couperen van oren verboden
Bij de niet gecoupeerde honden moet het onderste deel van het oor opgericht en bewegelijk zijn. In de ideale situatie moet het  bovenste een/derde deel naar voren of opzij vallen, op voor beide oren symmetrische wijze. 
Daar dit nooit een selectiecriterium is geweest, komen er vaak hangoren voor. 

Ook de staarten mogen sinds september 2001 niet meer gecoupeerd worden. 
De staart moet een haak aan het einde vormen en mag, als de hond attent is, lichtjes gebogen over de rug vallen. Doordat hierop ook nooit geselecteerd is, komen er veel hoog gedragen staarten en krulstaarten voor.

Werkhonden

Pyreneese herdershonden behoren tot de werkhondenrassen. Zij werken nog steeds bij de kudden met vooral schapen en geiten. De Nederlandse huishonden doen mee aan trainingen, examens en wedstrijden voor gedrag en gehoorzaamheid, behendigheid, speuren, verkeerszekere hond en uithoudingsvermogen.

Verzorging

De vachten worden niet gekamd; borstelen is nauwelijks nodig. Af en toe controleren van de vacht en zonodig verwijderen van klitten is voldoende. De Pyreneese herdershonden stellen geen speciale eisen aan de voeding; het zijn matige eters.